Je hoeft niet om 5 uur op te staan om je leven op orde te hebben

Richard Branson staat om 5 uur op.

Dat doet hij al jaren, en het werkt duidelijk voor hem. Maar op een bepaald moment begon het hem op te vallen dat mensen almaar naar die ochtendroutine vroegen. Alsof daar, ergens tussen het opstaan en het ontbijt, het geheim van zijn succes verstopt zat. Alsof je alleen maar vroeg genoeg uit bed hoeft te komen en de rest volgt dan vanzelf.

Branson heeft daar zelf iets over geschreven wat me is bijgebleven. De kern van zijn boodschap: je moet een routine vinden die past bij jou en bij jouw leven. Niet bij hem. Niet bij die ondernemer die je op LinkedIn volgt. Bij jou.

En daar zit volgens mij iets in waar we allemaal wel bij stil mogen staan.

Want ergens onderweg zijn we van persoonlijke ontwikkeling iets vreemds gaan maken.

De perfecte ochtend

Wie een beetje bezig is met persoonlijke ontwikkeling, kent ze intussen wel: de ochtendroutines van succesvolle mensen. Ze duiken overal op, netjes opgesomd, klaar om te kopiëren.

Sta om 5 uur op. Drink meteen een glas water. Mediteer twintig minuten. Schrijf drie dingen op waarvoor je dankbaar bent. Doe wat yoga. Neem een koude douche. Lees tien pagina's. Maak een gezond ontbijt. Noteer je doelen voor de dag. En het liefst heb je dat allemaal al achter de rug voordat de rest van de wereld wakker is.

Op zich is er met geen van die dingen iets mis. Integendeel. Mediteren kan enorm waardevol zijn. Bewegen ook. Gezond eten, even tijd voor jezelf nemen, bewust aan je dag beginnen - stuk voor stuk prima gewoontes.

Het probleem ontstaat pas wanneer we van iets wat voor sommige mensen werkt een formule maken die voor iederéén zou moeten werken. Alsof er één juiste manier is om je ochtend in te richten, en al de rest gewoon een gebrek aan discipline is.

Want misschien ben jij helemaal geen ochtendmens.

Misschien heb jij om vijf uur 's ochtends maar één diepe, oprechte behoefte, en dat is doorslapen.

En misschien is dat geen zwakte die je moet zien te overwinnen. Misschien is het gewoon informatie over hoe jij in elkaar zit.

Waarom die vijf-uur-cultus ons zo aantrekt

Het is trouwens niet toevallig dat net die ochtendroutines zo aanslaan. Ze beloven iets wat heel verleidelijk is: dat succes maakbaar is. Dat er ergens een handleiding bestaat, en dat jij alleen nog de stappen hoeft te volgen.

Dat idee is geruststellend. Het zegt dat het verschil tussen jou en die succesvolle ondernemer geen kwestie is van geluk, timing, geld of omstandigheden - dingen waar je weinig vat op hebt - maar van gewoontes. En gewoontes, die kun je kopiëren. Wie om vijf uur opstaat, koopt eigenlijk een klein beetje hoop dat de rest van het verhaal dan ook wel volgt.

Alleen werkt het zo natuurlijk niet. De ochtendroutine van een succesvol iemand is meestal niet de oorzaak van dat succes, maar hooguit een symptoom ervan - één zichtbaar radertje in een leven waarvan we de rest niet zien. We nemen het stukje over dat makkelijk te imiteren valt, en hopen stiekem op het geheel. Maar je krijgt iemands resultaten niet door zijn wekker over te nemen.

Je lichaam heeft ook iets te zeggen

We leven graag vanuit ons hoofd. We maken plannen, stellen doelen, en beslissen dat we vanaf maandag ons leven helemaal anders gaan aanpakken. Ons lichaam wordt vervolgens verondersteld braaf mee te werken.

Zo eenvoudig is het alleen niet.

Mensen verschillen nu eenmaal in hun natuurlijke slaap-waakritme. De ene wordt vanzelf vroeg wakker en voelt zich 's ochtends helder en energiek. De andere komt trager op gang, maar heeft net 's avonds zijn scherpste, meest creatieve uren. Dat verschil is geen kwestie van karakter of wilskracht. Je biologische klok - je chronotype, zoals dat heet - speelt daar een reële rol in, en die laat zich niet zomaar met een wekker herprogrammeren.

Natuurlijk kun je gewoontes veranderen. En soms is het goed om jezelf een beetje uit te dagen. "Dit is nu eenmaal mijn ritme" mag ook geen excuus worden om nooit iets te proberen. Ik wil hier geen vrijbrief uitschrijven om elke ochtend tot elf uur te blijven liggen.

Maar er is een verschil tussen jezelf uitdagen en voortdurend tegen jezelf vechten.

En eerlijk is eerlijk: "dit past niet bij mij" is soms ook gewoon een nette manier om onder iets uit te komen. Comfort heeft namelijk een eigen valkuil. Niet elke weerstand is een teken dat iets niet bij je hoort - soms is het gewoon de weerstand die bij verandering komt kijken, en die na een week of twee vanzelf zakt. Wie zichzelf nooit iets ongemakkelijks gunt, komt ook nergens. Het punt is dus niet dat je altijd naar je comfort moet luisteren. Het punt is dat je het verschil leert voelen tussen "dit is ongemakkelijk omdat het nieuw is" en "dit put me structureel uit". Dat eerste mag je best even doorbijten. Dat tweede is een signaal om te stoppen.

Wanneer je structureel slaap tekortkomt omdat je ergens hebt opgepikt dat succesvolle mensen nu eenmaal om vijf uur opstaan, ben je waarschijnlijk niet bezig met persoonlijke ontwikkeling. Je bent gewoon moe. En moe zijn maakt van niemand een betere versie van zichzelf.

Persoonlijke ontwikkeling is geen nieuwe vorm van moeten

Dat vind ik eigenlijk het meest opvallende aan die hele discussie.

De meeste mensen beginnen met persoonlijke ontwikkeling omdat ze beter voor zichzelf willen zorgen. Meer rust. Meer balans. Wat meer verbinding met zichzelf. En voor ze het goed en wel beseffen, hebben ze er een gloednieuwe lijst met verplichtingen bij.

Ik moet sporten. Ik moet mediteren. Ik moet gezonder eten. Ik moet vroeger gaan slapen. Ik moet dankbaar zijn. Ik moet journallen. Ik moet meer lezen.

En zo wordt zelfs zelfzorg iets waarin je kunt falen.

Ik ben er zelf ook ingelopen. Een tijdje geleden stond ik elke ochtend om zeven uur aan de deur van de gym, zodra die openging. Dat hoorde er zo'n beetje bij: eerst sporten, dán de dag beginnen. Op papier perfect. Alleen was ik op dat uur eigenlijk nog nergens. Ik trainde op automatische piloot, half wakker, met mijn hoofd al bij de mails die nog moesten. Ik was er wel, maar niet echt.

Intussen doe ik het anders. Ik drink eerst rustig een koffie, beantwoord wat mails, en ga pas tegen negen uur. En het verschil is groot: nu ben ik er ook écht bij. Ik voel wat ik doe, ik train beter, en ik kom er met meer energie uit in plaats van dat ik mezelf er 's ochtends doorheen sleep. Niet het vroege uur maakte het waardevol - de aanwezigheid deed dat. En die vond ik pas toen ik stopte met me te houden aan een schema dat niet van mij was.

Je kunt je tegenwoordig bijna schuldig voelen omdat je om zeven uur wakker wordt en gewoon rustig een kop koffie wilt drinken - zonder daarbij je levensdoelen in een dagboek te noteren of eerst nog even je ademhaling te tellen.

En daarmee missen we misschien net waar persoonlijke ontwikkeling eigenlijk over zou moeten gaan.

De vraag is niet: hoe word ik beter in het volgen van de juiste regels?

De vraag is: wat werkt voor mij?

Laat je inspireren, maar kopieer niet

Ik lees zelf graag over persoonlijke ontwikkeling. Ik vind het oprecht boeiend om te ontdekken hoe andere mensen leven, denken en werken. Daar valt ontzettend veel uit te halen.

Maar inspiratie is iets anders dan imitatie.

Als iemand vertelt dat mediteren zijn leven veranderd heeft, kun je dat gerust eens proberen. Als iemand zweert bij krachttraining, kun je onderzoeken wat bewegen met jóu doet. Als iemand om vijf uur opstaat en daardoor twee stille uren voor zichzelf heeft voordat de werkdag losbarst, kun je jezelf afvragen of jij eigenlijk ook niet aan zo'n moment toe bent.

Maar je hoeft niet klakkeloos zijn wekker over te nemen.

De interessante vraag is niet: wat doet die persoon precies?

De interessante vraag is: waaróm werkt dit voor die persoon, en wat zegt dat over wat ík nodig heb?

Misschien is het niet het vroege opstaan zelf dat Branson goeddoet, maar de rust vóór de dag op gang komt. En misschien vind jij diezelfde rust wel tijdens een wandeling om zes uur 's avonds, wanneer de dag net weer wat tot bedaren komt.

Misschien mediteer je niet graag, maar kom je helemaal tot jezelf wanneer je in de tuin bezig bent.

Misschien krijg je geen energie van yoga, maar wel van een uur stevig trainen.

Misschien vind je journallen verschrikkelijk, maar helpt één goed gesprek je meer dan tien bladzijden geschreven zelfreflectie.

Het doel hoeft niet te zijn dat je exact dezelfde dingen doet als iemand anders. Het doel is ontdekken wat die dingen - of iets in de buurt ervan - voor jou kunnen betekenen.

Luisteren naar jezelf is óók een vaardigheid

We zijn zo gewend geraakt aan advies van buitenaf dat het bijna moeilijk is geworden om nog te voelen wat voor onszelf werkt. Alsof we het antwoord altijd ergens anders zoeken dan bij onszelf.

Wat geeft mij energie? Wanneer kan ik me het best concentreren? Hoeveel slaap heb ik werkelijk nodig om me goed te voelen? Wanneer heb ik behoefte aan mensen, en wanneer aan stilte? Welke vorm van beweging doe ik graag genoeg om ze over zes maanden nog steeds vol te houden? Wat helpt mij écht ontspannen - en wat doe ik vooral omdat het hoort?

Niet wat volgens een boek zou moeten werken. Niet wat iemand op Instagram tussen twee filters door laat zien. Niet wat een succesvolle ondernemer bezweert dat zijn leven veranderd heeft.

Wat merk jíj?

Om daar achter te komen moet je soms gewoon experimenteren. Iets proberen, observeren hoe het voelt, en weer bijstellen. Het is minder een kwestie van de juiste formule vinden dan van jezelf een tijdje nieuwsgierig blijven volgen.

Misschien ontdek je dat vroeger opstaan je inderdaad een heerlijk rustig begin van de dag geeft. Prima - dan heb je iets waardevols geleerd.

Misschien ontdek je na twee weken vooral dat je om vijf uur een bijzonder onaangename versie van jezelf bent, kortaf en met wallen tot op je kin. Ook nuttig om te weten.

Persoonlijke ontwikkeling betekent voor mij niet dat je een ideale versie van jezelf in elkaar knutselt volgens een vooraf bepaald recept. Het betekent dat je jezelf stukje bij beetje beter leert kennen - met je eigenaardigheden, je ritmes en je grenzen erbij.

De beste routine is degene die je kunt volhouden

En misschien is dat uiteindelijk precies waar Branson op doelt.

Niet dat routines onzin zijn. Integendeel. Structuur en gewoontes kunnen ons enorm helpen. Het is fijn dat we niet elke dag opnieuw hoeven te beslissen of we gaan bewegen, gezond eten of even tijd voor onszelf maken. Een goede routine haalt die keuzes uit je handen, zodat je je energie voor andere dingen kunt bewaren.

Maar een goede routine ondersteunt je leven. Je leven hoeft niet ten dienste te staan van je routine.

Dus als jij graag om vijf uur opstaat: geniet van die stille ochtend, van dat uur waarop de wereld nog van jou alleen is.

Als jij pas om zeven uur wakker wordt, maar uitgerust en met energie aan je dag begint, is daar helemaal niets mis mee.

En als jouw ideale ochtendroutine bestaat uit een kop koffie terwijl je tien minuten wat afwezig uit het raam staart, hoeft daar misschien niks aan geoptimaliseerd te worden. Misschien is dat precies goed zoals het is.

Laat je inspireren door wat anderen doen. Probeer dingen uit. Daag jezelf uit wanneer dat nodig is.

Maar blijf ondertussen ook luisteren. Naar je energie. Naar je lichaam. Naar je leven.

Want uiteindelijk is de beste routine niet degene die het indrukwekkendst klinkt wanneer je erover vertelt op een feestje.

Het is degene waarin jij je goed voelt - en die je ook over een jaar nog steeds volhoudt.

Wat werkt voor jóu?

Misschien merk je dat je vooral heel goed geworden bent in doen wat hoort, wat verstandig lijkt of wat anderen aanraden - maar dat je niet meer zo goed weet wat jíj eigenlijk nodig hebt.

In mijn coaching gaan we niet op zoek naar de perfecte routine of naar een zoveelste lijstje met dingen die je zou moeten doen. We onderzoeken wat jou energie geeft, wat energie kost, welke patronen je telkens opnieuw tegenkomt en wat past bij wie jij bent en bij het leven dat jij wilt leiden.

Want verandering hoeft niet te beginnen met jezelf nog meer regels op te leggen. Soms begint ze gewoon met jezelf beter leren kennen.

Wil je ontdekken wat voor jou werkt? Plan dan gerust een vrijblijvend kennismakingsgesprek.

Vorige
Vorige

Waarom zoiets kleins als je bed opmaken toch verschil kan maken

Volgende
Volgende

Je hoeft van je passie niet je beroep te maken